Dit was … DIALOOGgroep in de gevangenis van Hoogstraten

Journalist Ria Goris blikt terug op een boeiend proces waar vrije burgers en gedetineerden met elkaar in dialoog gaan over ‘misdaad, straf en herstel.’

foto: Eddy Meijs

“Ik heb me vanavond terug mens gevoeld”

Het is een koude winteravond wanneer we aanmeren in de gevangenis van Hoogstraten, voor een gesprek tussen een groep vrije burgers en gedetineerden met als netelig thema: misdaad, straf, herstel. Het hoge, zwart getraliede hek gaat voor ons open, een zwerm kauwen krijst doordringend. We steken de bevroren slotgracht over en staan op de ronde binnenkoer van wat eens een prachtig kasteel moet geweest zijn. De dialoog gaat door in een zaal met oude stenen gewelven en een gigantisch wapenschild aan de muur. Ze vormt een contrast met een stel cellen zonder modern sanitair, waar een pot dienst doet als toilet.

Onder de vlag ‘DIALOOGgroepen’, komen vrije burgers en gedetineerden samen om uit te wisselen over onderwerpen als conflict en herstel. Hoogstraten is een van de drie testcases, vanaf april worden dergelijke sessies in heel Vlaanderen uitgerold. In de Kempen vond eind vorig jaar, nog in coronatijden, in de gevangenis van Merkplas al zo’n uitwisseling plaats, over het toen bijzonder toepasselijke thema ‘vrijheid’. Deze keer zijn we te gast in de gevangenis van Hoogstraten, waar de directie ondanks personeelskrapte, inspanningen doet om een vrije dialoog mogelijk te maken.

Een muisje tegen een olifant

Dit is de derde avond over ‘misdaad, straf, herstel.’ Een week eerder wisselden een groep vrije burgers enerzijds, en een groep gedetineerden anderzijds, al ervaringen en gedachten uit over dit thema. “Het is of een muisje vecht tegen een grote olifant”, verzuchtte een van de vrije burgers toen. Een andere deelnemer, met ervaring met gedetineerden, had net het systeem van self fulfilling prophecy uitgelegd. Dat gaat zo: je hebt je straf uitgezeten en komt daarna weer vrij, met het stigma ‘ex-gevangene’. Geen open ticket om alle kansen te krijgen. Vaak bots je op breuken in je eerdere netwerk van familie en vrienden, en soms heb je een flinke som geld terug te betalen. En waar geraak je aan werk, met voldoende verdiensten om je schulden terug te betalen? Het stigma ‘(ex-)gedetineerde’ kleeft al aan jou, de verleiding om via het foute pad snel uit je geldproblemen te geraken loert om de hoek. Kan je nog vallen als je al aan de grond zit? Een onvermijdelijk scenario? Allesbehalve. Gevangenen die terechtkunnen bij hun vrienden en familie, soms ook bij een ex-werkgever, en liefst ook goede begeleiding vinden voor het geschonden moreel, gaan een rooskleuriger toekomst tegemoet.

Een goede straf?

Alles is mogelijk, maar volgens vrije burgers met ervaring met gevangenen, helpt het logge gevangenissysteem de zaken niet vooruit. “Een gevangenisstraf betekent een vrijheidsstraf,” merkt iemand op. “Het betekent niet dat je geen sociale contacten of een ontspanningsactiviteit mag hebben, of niet vrij naar de wc mag gaan.” Allemaal zaken die heel beperkt zijn in de gevangenis. Wat zou dan een goede straf kunnen of moeten zijn?’ Enkele deelnemers komen uit bij het volgende lijstje: je ‘zit’ een bepaalde periode en daarna zou het etiket ‘gevangene’ er af moeten; een goede straf probeert de familie of omgeving te ontzien; ze leert mensen praten over problemen en doorbreekt negatieve levenspatronen; ze mag niet leiden tot ‘detentieschade’, dat wil zeggen dat je naast de vrijheidsstraf niet beschadigd wordt door onnodige beperkingen of een slechte behandeling.

Foto: Eddy Meijs


Zonder perspectief

Eén anekdote blijft bij. In één van de gevangenissen in de Kempen – niet Hoogstraten- hebben gedetineerden een groot, getralied raam op hun cel. Toch is het niet mogelijk om iets van hun omgeving te zien, want de onderste helft van de ramen is hermetisch dichtgeplakt. Met wat geluk zie je ’s nachts de volle maan. Verder geen perspectief, letterlijk, het is nog wat anders dan in coronatijden in je appartement of huis te blijven. Wie op de chauffage klimt om toch iets te zien, mag rekenen op een geldboete. Een bezoeker die vroeg waarom die ramen afgeplakt zijn, kreeg als enige antwoord: ‘het is altijd zo geweest.’ Een voorbeeld van detentieschade?

Luisterend oor

De avond met gedetineerde mannen en vrouwen in Hoogstraten gaat er niet minder levendig aan toe. Na het bekijken van het aangrijpende videogetuigenis van Annemie, die haar broer verloor door moord en met de dader in gesprek ging, ligt de vraag voor: ‘Wat zou in jouw geval een goede of rechtvaardige straf geweest zijn?’ De emoties lopen hoog op. “Ik was geen gevaar voor de maatschappij, ik ben hier terechtgekomen door financiële fraude,” steekt Leo* van wal. “Ik voel me vooral machteloos tegenover mijn gezin. Van hieruit kan ik er niet zijn voor hen. En schulden aflossen lukt ook niet wanneer je hooguit twee euro per uur verdient in de gevangenis. ” “Ik heb wel een rechtvaardige straf gekregen,” meent Stella*. “Ik kan leven met mijn straf omdat de rechter mij uitgebreid gehoord heeft. Er was begrip voor de context van de feiten.” “Was het bij mij maar waar!” blaast Kelly* “Ik heb terecht straf gekregen, door drugsproblemen heb ik veel feiten gepleegd. Ik kreeg een behandeling op een gesloten psychiatrische afdeling. Ik heb er geleerd om naar mezelf te kijken en mijn leven te beteren. Dan kom ik buiten, mijn lesjes geleerd, en begin ik als een beter mens een nieuw leven. Omdat het gerecht zo traag werkt, moet ik na verloop van tijd opnieuw voorkomen voor een oud feit en vlieg ik terug naar de gevangenis! Is dat hoe je door een straf mensen beter maakt?” Kafka is nooit ver weg in gevangenisverhalen.

Foto’s: Eddy Meijs

Machteloos

De term ‘machteloos’ keert meermaals terug. Maar ook ‘steun’: de steun die ze aan elkaar geven, vaak vermengd met een vleug gevangenishumor, en hoe goed het doet om een luisterend oor te krijgen bij moreel consulenten of aalmoezeniers, bij hulpverleners van de Centra voor Algemeen Welzijnswerk of bij de mensen van De Rode Antraciet, die sportieve en culturele activiteiten inrichten. Bij vrijwilligers ook, tegenover wie ze zoveel vrijer praten dan met justitiepersoneel dat rapporten over hen moet opstellen. “Die mensen zijn als een tweede rechter,” stelt Anton*, “als ze je niet moeten, ben je de klos. Vergeet je voorwaardelijke invrijheidsstelling dan maar.

Wanneer 21u nadert, klopt een vriendelijke bewaker op de deur. Hier geen uitlooptijd zoals bij het gesprek met vrije burgers in de bib, geen nakaarten op café. De celdeuren moeten tijdig dicht, ’s nachts is het hier ieder voor zich.

We zijn allemaal potentieel misdadiger.

Een week later staan we met een groep vrije burgers bij de wachtpost van de gevangenis, bemand door een goedlachse portier. Hij heeft een mandje met fortuinkoekjes op zijn bureau, toepasselijk in deze setting. De vragen die vrije burgers en gedetineerden voor elkaar geformuleerd hebben, zijn intussen omgezet in stellingen als ‘Misdaad is eigen aan de mens en de samenleving’ of ‘Vrijheidsstraf is de beste straf om tot inkeer te komen’. Voer voor debat, gespreksstof die meegenomen wordt naar de herstelconferentie die zal doorgaan op 23 november. De gedetineerden geven eerst iedereen een hand voor ze gaan zitten. Er ontstaat al snel een geanimeerd gesprek over de term ‘misdaad’: een fout tegenover de wet? Iets dat je misdoet om jezelf te beschermen? “Sommigen hebben een korter lontje dan anderen, maar iedereen is een potentiële moordenaar”, meent Myriam, een van de vrije burgers.

“In elke mens zit misdaad. De omstandigheden en de buitenwereld spelen een belangrijke rol,” beaamt een ander. Geknik in de ronde. Een aandeel eigen verantwoordelijkheid blijft overeind, én het maakt uit waar je wieg gestaan heeft.

Geen beloningssysteem

Is een hedendaagse gevangenis geen hotel? Kelly* zet de puntjes op de i: “Weten jullie dat de weinige zaken die we hier kunnen kopen in de kantine, zoals chocomelk, duurder zijn dan buiten in de supermarkt? Terwijl we maar 6,40 euro per dag verdienen en nog geld moeten overhouden om te bellen! De buitenwereld lijkt soms te denken dat we hier gratis leven en alles maar krijgen. Niet zo!” Een medegevangene valt in: “In gevangenisdocumentaires laten ze altijd de beste celblokken zien, niet die met een toiletemmer.” Het beeld van de gevangenis als hotel wordt aan flarden geschoten.

Hoe zit het met begeleiding die ervoor moet zorgen dat mensen beter uit de gevangenis komen dan ze erin gaan? “Bij een straf moeten gedetineerden werken aan de oorzaken die hen in de problemen brachten” luidt de stelling die Mia trekt. “In theorie klopt dat, maar het is niet mogelijk,” zucht Anton*. “Als je eerlijk bent, word je zwaarder gestraft. Het personeel van justitie is er niet om ons te helpen maar om alle risico’s voor de maatschappij in te schatten om te zien of ze ons nog een kans zouden geven.”

Gevangeniscultuur

Hulpverlening in de gevangenis bestaat, maar de middelen zijn erg beperkt. En de neiging tot zelfinzicht, tot inkeer zeg maar, is niet bij alle gedetineerden aanwezig. Doe daar een schep maatregelen bij die tot frustratie leiden - zoals stakingen die bezoek en activiteiten overhoop gooien – en een gevangene ziet zichzelf eerder als slachtoffer van het systeem dan als dader. “Het mankeert aan een beloningssysteem in de gevangenis,” meent Eddy, een vrijwilliger in de gevangenis. “Dat slecht gedrag extra bestraft wordt, vindt iedereen normaal. Maar iemand die zich al maanden netjes gedraagt, ondanks moeilijke en uitdagende omstandigheden, belonen met een schouderklopje en een extra bezoekuur, dat zit niet in onze gevangeniscultuur.”

Een vriendelijke bewaker laat ons het slotrondje afmaken. Terwijl de gedetineerden naar hun cel verdwijnen (Kelly*: ‘daar ga ik liggen malen over wat hier allemaal gezegd is’) trekken de vrije burgers naar brasserie De Jachthoorn. “Nog over dat schouderklopje,” zegt Krie tegen Eddy, “daar ben ik het helemaal mee eens. Maar sommige gevangenen weten niet om te gaan met een compliment, omdat ze dat nog nooit gehad hebben.”

Lieve zegt blij te zijn met de nababbel: “Ik kan aan mijn familie niet vertellen dat ik ga praten met gedetineerden. Ze zeggen dan: ‘gij zijt zot!’. Maar mijn wereld staat op zijn kop van wat ik allemaal gehoord heb.” Van meer dan één gedetineerde kregen we een gemeend ‘dank je wel’. ‘Ik voel me gehoord,’ vertelt Leo* in het finale rondje. ‘Ik heb me even terug mens gevoeld,’ vertelt Kelly*. Dat een gevangene een mens is, is blijkbaar geen evidentie in onze samenleving.

*niet de echte namen

Initiatief

DIALOOGgroep De Kempen tot stand via een samenwerking tussen Avansa De Kempen, De Rode Antraciet, CAW De Kempen, Moderator vzwStad Hoogstraten en de gevangenis van Hoogstraten.


Reageren? Dat kan hieronder!

Wees hierbij aardig en beleefd. Reacties met haatdragende taal of pesten worden verwijderd.

Vorige
Vorige

Dit was … de filmavond ‘overdemurenheen’ (Budascoop Kortrijk)

Volgende
Volgende

Dit was … DIALOOG-vliegers in Mechelen